16 mei - 6 juni Georgia, North & South Carolina (foto's Georgia, North & South Carolina)

16 – 18 mei Storm op komst  St. Simon Inlet (Georgia)

Moment van bezinning. We zijn nu 2 weken in Amerika, het laatste stuk van onze reis. We hebben nog ‘maar’ 2 maanden voor de boeg. Voor Goos en voor mij is het een feest van herkenning en fijne herinneringen van eerdere bezoeken. De geuren, het eten, service, winkels (zo’n Home depot is gewoon niet eerlijk) en het rondrijden met de auto. Voor het eerst sinds 10 maanden rij ik ook weer eens auto. We kijken elkaar regelmatig met enige trots aan; we zijn gewoon op eigen kiel in Amerika!!!! Wat hebben we het goed voor elkaar dat we al die parken kunnen bezoeken, dat we een week in een haven kunnen liggen en een auto kunnen huren. Natuurlijk we hebben er jaren voor gewerkt, maar we zijn wel heel trots dat we zo ver zijn gekomen en met de Walrus in Amerika liggen. Terwijl de economische crisis voort raast, zijn we gewoon hier en hebben een goed jaar gekozen om weg te zijn.

De warme kleren zijn tevoorschijn gehaald

Zaterdagochtend nemen we een laatste plons in het zwembad en vertrekken we. Als we de haven uitvaren, komt de Laaxum net langs varen. Wat een toeval, we moeten ongeveer gas terug nemen om ze niet midscheeps te raken. Helaas gaan we allebei een andere kant op, zij komen net van zee en wij gaan er net heen. Tot later dan maar. Hopelijk zien we ze noordelijker weer. We motorsailen met de genaker op de nacht door tot aan de inlet bij St. Simon Island, Georgia. Rondom ons ‘s nachts de nodige bliksem flitsen, maar wij hebben geluk. We wilden oorspronkelijk verder door naar Charleston, maar er is veel wind en ‘thunderstorms’ op komst en we willen niet het risico nemen om daar in terecht te komen. We komen in het begin van de middag na 27 uur varen aan en meren aan bij de Golden Isles Marina. Na het wederom in ontvangst nemen van de complimenten over de aanleg manoeuvre gaan we snel nog even naar het zwembad. Met het naderende onweer en in de regen kijken de mensen ons raar aan, maar zwemmen zullen we. We zijn nog geen uur verder en het spetterende onweer met bijbehorende stortbuien breekt los. We sluiten ons ‘op’ en Monopoly komt op tafel. De weerberichten voorspellen niet veel goeds voor de komende dagen, veel regen (15mm), onweer en veel wind. De volgende ochtend zitten we met sloffen aan in de kajuit. Gisteren was het 30 graden en nu 20 graden, zo ‘koud’ hebben we het in tijden niet gehad. Waar zijn onze lange broeken gebleven?   

Na het schoolwerk lopen we in een Hollandse outfit, lange broeken en regenkleding, naar de ‘courteousy car’ van de haven.  Een mooi fenomeen, havens bieden je voor ongeveer een uur een auto aan. Erg gemakkelijk omdat de supermarkt, West Marine of DIY meestal te ver lopen of fietsen is. Ons uitje tijdens dit rege weer is de Win Dixie supermarkt. We slaan lekkere verse dingen in en sluiten ons daarna weer op in ons holletje, spelen spelletjes en kijken een filmpje. Het is wel een overgang om na het strandleven van de afgelopen maanden weer veel binnen in de boot te zitten. Het is gewoon koud (23 graden binnen) en we zetten de verwarming maar aan.  We wennen er ook weer aan en praten veel over de terugkeer naar Nederland. Zou dat door het weer komen?

19 - 24 mei Met spring tij over de ICW (Georgia & North Carolina )

9 jaar al weer.jpgNa 3 dagen slecht weer met regen en veel wind gooien we na het vieren van Gijs zijn 9e verjaardag (!!) de lijnen los en vervolgen onze weg via de ICW. Ondanks de bewolking genieten we van de schitterende tocht langs meanderende rivieren en kreken. Overal zijn uitgestrekte marshes, draslanden met gras die onderwater lopen bij vloed en droogstaan bij eb. We zien veel dolfijnen rond de boot. Als ik hun was ging ik lekker naar de Caribean, daar is het tenminste helder water en zie je wat. Twee dagen lang zien we haast geen huizen in de verre omtrek, behalve een paar echte Bubba Gump Shrimp nederzettingen (‘...and Colonel Dan invested in some kind of fruit company’- Forrest Gump). We kunnen pas in de middag weg omdat we wachten op het tij en gaan lang door. Het is al donker als we om 9 uur ’s avonds ons anker uitgooien in de Wahoo river. Zodra de motor uit is, horen we een orkest van krekels om ons heen.  

De volgende dag proberen we een ander schema, vroeg op en doorvaren tot het laagwater. Op de ICW zijn een aantal stukken in de loop der jaren ondieper geworden en er is geen geld om de ICW te onderhouden of op kritieke stukken uit te baggeren. Hellsgate, de naam zegt het al,  is zo’n stukje dat bij laagwater niet te doen is, dan staat er maar 1,2 meter water aan de ene kant en 60 centimeter aan de andere. We komen er met rijzend tij aan. Goed om te zien dat de baggeraars er bezig zijn om het weer dieper te maken. We kunnen er net langs piepen, erg veel ruimte is er niet. Ons vaarplan is prima gekozen. Het oorspronkelijke plan was om bij Thunderbolt (ja  alweer, dit keer die vlakbij Savannah) aan te leggen of voor anker te gaan. Het ziet er niet uitnodigend uit en we besluiten door te varen. Ik duik in de pilots om te kijken of er nog stukken aankomen die erg ondiep zijn voor ons, want het is al bijna laag water. Ondertussen komen we bij de eerste brug aan. Op moment dat de brug open gaat slaat de motor ineens af. Hebben we dan al zo veel uur op de motor gevaren dat de ene tank leeg is? We krijgen de motor niet meteen aan de praat en gooien recht voor de brug het anker uit om even de tijd te nemen. Het stroomt namelijk nogal. De brugwachter gooit de brug dicht want ‘traffic is jamming up all the way, and I can’t hold her’. Het euvel is snel verholpen, de andere dieseltank wordt geopend, ontluchten en starten maar.  De brugwachter doet de brug weer voor ons open en we tuffen lekker verder.

De pilots geven aan dat er nog een paar ondiepe stukken aankomen. Goos is er nogal rustig onder, ik moet nog even wennen aan het varen op ondiep getijden water. Heb ik me dan toch laten gek maken door de ‘oeh’ en ‘aah’ reacties van andere ICW gangers op de steiger als ik vertel dat we ongeveer 7 feet (2,1 meter) diep steken. ‘ Nou, nou, dat wordt lastig’ is vaak de reactie. Het helpt dan niet mee als er in de pilot van die gele ‘caution’ stukken staan die waarschuwen voor ondiepe stukken. Goos laat zich niet gek maken (nou ja, soms dan een beetje door mij) en blijft opletten. Bij een stukje dat als ‘caution’ staat aangegeven in de pilot, zien we een boot vast zitten. De Towboat US (een van de twee commerciële sleepdiensten van de ICW) doet weer goede zaken en trekken met 2  boten de Het is laag water de towboat heeft het druk, wij nemen de buitenbocht en dat ging beter.jpgzeilboot eruit. Op onze navionics kaart staat dit stukje ook erg gek aangegeven. De magenta lijn (de ideale vaarlijn) gaat dwars over de rode bakens heen, waarover de pilot juist zegt dat het ondiep is. Goos roept de sleepdienst op om te vragen waar we kunnen varen. Volgens de sleper moeten we juist veel meer stuurboord houden, het stuk waar onze kaart aangeeft dat het juist te ondiep is. Het gaat uiteindelijk prima en we komen niet vast te zitten. Van de vastgelopen boot (Aquaventure) horen we dat ze 1,5 meter diep steken en dezelfde navionics kaarten hebben. Zij hadden keurig de magenta lijn in de kaart gevolgd en dat was op dit stuk niet zo’n goed idee. We volgen de Aquaventure  en zien ze na het oversteken van de Savanah river weer (hard) vastlopen. Ze roepen ons meteen op ‘ Walrus, don’t follow the magenta line. We are stuck again’. Gelukkig is de sleepboot nog in de buurt en hij trekt ze weer los. We vragen ons af of hun achteruit het niet doet, want wij zien ook dat het ondiep wordt en dan varen we erg langzaam. Wij lopen even in de blubber, maar komen eenvoudig weer los. Een paar lokale vissers gebaren om meer naar bakboord te gaan, hetgeen helaas niet overeenkomt met de kaart.… De kapitein van de sleepboot geeft aan het midden van het vaarwater aan te houden en op het eind goed stuurboord. Wederom volledig tegen ons gevoel in en niet volgens de ‘magenta’ lijn, maar het gaat prima. Elke keer als de diepte meter onder de 3 meter gaat, neemt Goos gas terug en gaan we in kruip stand vooruit. Op deze manier vinden we onze weg. Soms voelen we echt onze weg en moeten we even gas achteruit omdat we vast zitten. Het kost wat concentratie, maar de sleepboot hebben we niet nodig. De Aquaventure loopt op het eind, notabene in het midden waar de sleepboot zei rechts te houden, voor de derde keer vast. De boot zal nu wel ergens te koop liggen. Ik ben doodmoe aan het einde van de dag. Dit keer vinden we weer een mooi zijriviertje (Cooper river) om te ankeren en we liggen er helemaal alleen met niemand in de buurt. We horen kikker, krekels en zien weer dolfijnen rond te boot.

We zijn dichtbij Beaufourt (spreek uit als Bieuwfort) en gaan er de volgende dag met opkomend water in de middag naar toe. Dit keer geen enkele ondiepte meer die me gek kan maken. Het is hier prima varen met opkomend water en springtij. Het is weer genieten onderweg, wat is het hier schitterend mooi. We zien de meest mooie huizen langs de ICW staan. Vakantiehuizen waar je alleen met een veerbootje kan komen en komen langs het mooie Hilton Head (waar ook John Mellencamp zijn optrekje heeft). We genieten van een heerlijke avondmaaltijd met spercieboontjes en ‘ingeblikt’ canard uit de oven. Mooier kan het toch niet worden. Vanaf het water is al te zien hoe mooi Beaufort is. Door het hoge water (het is springtij) is doorvaarthoogte van de laatste brug wat krap en tikkend met de (flexibele) marifoon antenne tegen de stalen binten gaan we eronder door.

’s Morgens zitten we in de kuip te genieten met een vers gebakken croissantje. Op de kant horen we de kerkklokken en daarna schalmt het gezang van een gospelkoor over de ankerplek. Gekker moet het niet worden. Met de dinghy gaan we op onderzoek. Op de kant is net het Gullah-festival in volle gang. Het Gullah- festival is een jaarlijks festival, waar de Gullah’s hun roots herinneren en vieren. Gullah’s zijn de afstammelingen van Afrikaanse slaven die in 16e eeuw in de omgeving van Savannah zijn komen wonen.  De slaven vRaad eens wie de president is.jpgan de west Afrikaanse landen werden om hun ‘kennis’ van de landbouw hiernaar toe gehaald. Rond de 18e eeuw hadden de Afrikanen de landbouw rond Savannah verandert in een succesvolle rijst en katoen industrie. Door oorlog en ziekte gingen de blanke plantagehouders meestal hun heil elders zoeken. Onder de blanken heerste veel gele koorts en malaria, meegenomen uit Afrika. De slaven konden hier wel tegen en overleefden hierdoor de blanken.  Ze woonden vervolgens jaren met elkaar in de afgelegen gebieden waar ze Afrikaanse tradities in stand hielden. Inmiddels zijn bruggen gebouwd naar de eilanden en hebben vastgoed ontwikkelaars de eilanden gevonden en zijn de eilanden veranderd in resorts voor de rijken. De Gullah’s strijden nu om hun eigen land te houden. Het festival is ooit begonnen om de taal, cultuur en traditie van de Afro Americans te herdenken. Inmiddels is het uitgegroeid tot een toeristisch evenement en een icoon voor de Afro American. Er wordt zelfs Afrikaanse boter wordt verkocht en Obama…. die zie je overal.


Uitkijkend over de rivier.jpgDe blanke historie van Beaufort is ook duidelijk aanwezig. Er staan in het dorp schitterende historische huizen (met gewoon een bord met tekst en uitleg erbij, heb je tenminste de informatie pan klaar en hoef je geen gidsje te kopen of anderzins te speurzoeken) en er is zelfs een historische winkelstraat (…). De prachtige eiken zijn behangen met Spaans mos en het ruikt overal naar bloeiende bloemen. Echt genietenn hier. Bij een klein toeristen shopje krijgen we een plattegrond van het dorp. “ We’re u ahl from?’ “From Holland, we came with our sailboat across the atlantic’. “Aahll the way from Holland cross the ocean??? That really gives me goosebumps, look at them, unbeleevahbel.’ Ze spreken hier met een Southern draw, zoals in Forrest Gump, vandaar mijn poging om het fonetisch op te schrijven.  Op aanraden van het kleine mevrouwtje gaan we in een tentje waar de locals komen lunchen. In Blackstone’s cafe is het vol met net geklede families die uit de kerk komen. Panncakes voor de kinderen, ik een fruitbowl en Goos probeert het lokale ‘shrimp and grids’ (garnalen met griesmeel) uit. Tja, je moet toch alles een keer proberen.

25 - 27 mei Genieten van de marshes op de ICW

Het wekkertje gaat weer vroeg, lang leven het tij, het lijkt Engeland wel. Als ik mijn hoofd naar buiten steek is het mooi blauw. Schitterende dag voor een tochtje langs de marshes. Met een vers kopje koffie wil ik nog even van de ochtend genieten voor de motor weer aan gaat. In de 15 minuten dat ik benedendeks ben, is er een enorme mist gekomen en de brug die slechts 100 meter achter ons ligt is ineens onzichtbaar. Gekke gewaarwording. De brug sluit tussen 7 en 9 am, en we willen voor die tijd door de brug. Gelukkig was Goos al vroegtijdig aan de slag gegaan met de ankers, want de brug gaat eerder open en de brugwachter geeft aan dat hij pas weer om 9 uur open wil. In de mist dan maar vol gas naar de brug, leve de kaartplotter en de AIS. De duwboot die voor de brug ligt te wachten slaat deze opening maar over, hij vindt het te mistig. Wij kunnen voor hem langs en halen de brug. De mist is na een half uurtje weer weg en het is genieten van het zonnetje. Tijdens het varen is alle tijd voor school en voorlezen. Rond de lunch gooien we ons anker uit in Steamboat Creek. In Skipper Bob (de pilot met ankerplaatsen) staat aangegeven dat er een plekje is om aan wal te gaan om je hond uit te laten. Wij hebben ook een aantal jonge honden die hun beweging nodig hebben en gaan we met de dinghy naar de wal. Het is een drijvende steiger met een weg. Er wordt lekker gerend, maar het water is te modderig voor een zwemmetje.

De volgende morgen halen we na de ochtendbui het anker op (dit keer geen wekker) en tuffen we weer verder. Het is drukker dan de voorgaande dagen. De motorboten die ons willen passeren roepen ons keurig op. 'Sailing vessel Walrus, I will pass you on your port side. If you reduce speed I can give you minimal wake.' Het is geen uitzondering. Als ze rustig zijn gepasseerd, wordt er nog even gezwaaid en vervolgens gaat het gas weer vol open. Prachtig geluid soms, hadden we niet al eens gezegd 'there is no substitute for cubic inches....' Daar kunnen die platte motorboot bazen in Nederland (en Zweden) nog wat van leren.

Na de rust van de ICW zijn we nu bij het drukke Charleston. Iedereen ligt te slingeren en te dansen achter zijn anker. Een rare gewaarwording om je anker uit te gooien en vervolgens door de stroming er weer meteen overheen te worden gezet, terwijl je kont op de wind blijft liggen. Ik denk dat we de slootwillen zo maar uit gaan hangen..... De weersvoorspellingen zijn gunstig voor de komende paar dagen. We gaan de oceaan maar weer eens opzoeken om mijlen te maken.

De wind gaat weer een beetje liggen en als iedereen uitgedraaid is liggen we rustig achter ons ankertje de stootwillen waren niet nodig. ’s Avonds komt er plots een dinghy voorbij met Jos en Majo van de Jonathan, ze komen nog even aan boord een kop koffie drinken. We hadden elkaar sinds Portugal niet meer gesproken, terwijl we bijna dezelfde route varen, veel bij te kletsen dus met onze dorpsgenoten (jawel, ze komen ook uit Bussum).

28 mei Dagje stad (Charleston)

Charleston is een mooie stad met mooie oude gebouwen en vooral heel veel restaurantjes. Met de shuttle van de marina gaan we naar het bezoekers centrum om te kijken wat er te doen is. Het kindermuseum vinden de kinderen te kinderachtig ‘We gaan dan liever naar Nemo in Amsterdam’ en weer een aquarium, terwijl we net Sea World hebben bezocht, slaan we maar over. Onze conclusie, lekker rondlopen en rondkijken. We lopen langs een Ik wil graag wat bestellen.jpgaantal restaurants die in de loop der jaren zo populair zijn geworden dat in de winkel ernaast souvenirs van het restaurant kopen. We slenteren door de stad en strijken even neer bij de fontein. Nog nooit een fontein gezien waar zoveel regels bij staan met wat vooral NIET mag en een bordje ‘no lifeguard on duty’. Bij het restaurant BubbaGump Shrimp Co. genieten we van een lunch. De kinderen genieten vooral van de waterbaan met eendjes en zijn druk aan het spelen. Erg grappig hoe ze hier voortborduren op de film Forrest Gump. Tot in de kleinste details komen elementen van de film voor, zo wordt de patat in het garnalenbootje Jenny geserveerd. Er is vast nog veel meer te zien in de stad, maar het is nu niet zo aan ons besteed. De kinderen genieten het meeste van het spelen met water of het kijken naar de brandweer auto’s, die oude gebouwen zeggen hen niet zoveel.


29 mei – 2 juni Genieten van het leven in Beaufort (NC)

De weerberichten voorspellen weer een beetje wind en na al die mijlen op de motor vinden we het wel lekker om ons weer eens een keer door de zeilen te laten voortbewegen. De tocht naar Beaufort (uitgesproken als Boofort, North Carolina)is 210 mijl, ongeveer anderhalve dag  varen. De genaker staat het grootste gedeelte op en we schieten heerlijk over het water, wat een rust zo zonder motor.  Tegen de avond neemt de wind behoorlijk toe en we zetten het groot zeil met 1 rif en de genua op.  Gelukkig wel een bakstag wind en we schieten met 8,5-9 knop dan ook lekker op. Boven land zien we enorm veel onweer en helaas trekt het in de loop van de avond en nacht ook naar de zee. Voor de zekerheid leggen we de portable GPS en VHF in de oven, zo worden ze (hopelijk) in de Kooi van Faraday beschermd bij een eventuele inslag.  Voor het eerst in de 10 maanden op de boot vind ik het niet prettig. Het weerbericht heeft het over ‘damaging’ winds, maar wij zijn meer bevreesd voor de bliksemflitsen. De meeste zitten erg hoog in de lucht, een enkeling zie je in de zee slaan. De kinderen merken niets en slapen lekker door. Goos komt me tijdens mijn wacht gezelschap houden in de kuip. We zijn voorbereid en kunnen als het moet snel verder reven. Verder kunnen we eigenlijk niets doen, uitwijken is geen optie. Voor ons zien we het toplicht van On the mark, een Amerikaanse boot die ook vanuit Charleston is vertrokken. Van hen horen we de volgende dag dat hun Sirius satelliet systeem inderdaad de onweersbuien met 70 knts wind aangaf. Gelukkig is dat aan ons voorbij gegaan. We vinden het allemaal een wat vervelende tocht. De kinderen zeuren in eens dat ze het te lang vinden duren. Ze kunnen in hun beleving niets doen, omdat de golven hoog zijn. Dan maar weer een filmpje kijken, ik heb ook de puf niet om ze bezig te houden.


We zijn dan ook des te blijer als we ons anker uitgooien voor de boardwalk van Beaufort. Er liggen veel moorings met verlate boten. Om niet midden in het kanaal te komen ‘parkeren’ we keurig in met twee ankers op de Bahamiaanse manier. Op die manier hebben we een soort eigen mooring en dezelfde draaicrikel als de boten aan een echte mooring.  Aan de ene kant van de ankerplek lopen wilde paarden in een natuurgebied en aan de andere kant is het dorp met over de hele lengte aanleg steigers en een boardwalk met restaurantjes er aan. Om de hoek is strand, veel strand en daar zijn we aan toe.  Op het strand zijn we allemaal in ons element, schelpen zoeken, havens bouwen, boekje lezen en bootjes kijken. Ook kan de rubberboot worden geplakt. Helaas heeft een of andere onbenul met een brakke dinghy plus uitstekende spijkers of zoiets onze dinghy opengesneden.

Bootjes in aanbouw.jpgNa een middagje strand bezoeken we het lokale Maritieme museum. Heel veel informatie over de lokale streek en het waterleven en  veel mooie modelboten en uitleg over boten bouwen. Mooi om te zien hoe elke streek weer zijn eigen bootontwerpen kan hebben. Bij het museum zit ook een grote werkplaats waar kleine houten boten worden gebouwd. De mannen van het gezin halen hun hart op en fantaseren samen over een nieuw project voor als we weer thuis zijn, zelf een houten boot bouwen. Vooral Gijs is druk in de weer met bouwtekeningen en internet wordt leeg gezocht voor informatie. Wordt het nu een modeloptimist of een echte? Hij kan er ‘s avonds gewoon niet van slapen. Het museum is zo leuk dat we de volgende dag weer een kijkje gaan nemen. Dit keer strijkt de hele familie neer in de nautische bibliotheek met open haard. We noemen het maar even onze woonkamer en de andere bezoekers respecteren dat kennelijk, er komt ineens niemand meer binnen. Lekker om weer eens op een echte bank te zitten.

Zoals bij veel Amerikaanse dorpen zit een grote supermarkt aan de rand van de stad. Hierdoor wordt boodschappen vaak een dag programma. Eerst een wandeling van ongeveer 3 kilometer naar de supermarkt, een kar volladen, met een volle taxi weer terug , alles naar de dinghy brengen en vervolgens weer aan boord sjouwen en opbergen. Het is een echt familieproject en iedereen helpt trouw mee. Ties past precies in het kastje achter de bank waardoor hij al het drinken kan stouwen, Meike bergt het fruit op en Gijs de blikken en de chips, Goos en ik laden de koelkast weer in. Tja, je kan er maar druk mee zijn.

We vermaken ons wel in Beaufort, strandje, dorpje, Nautische boekwinkel met tweede hands assortiment , cafe’s, live muziek, leuke winkeltjes, museum, mooie huizen en lekker kijken naar alle soorten en maten boten die voorbij komen zeilen of motoren. Elke avond kijken we elkaar aan, morgen nog maar een dagje hier?

Uit de emails vanuit Nederland begrijpen we dat Meike deze maand met foto van de Atlantische visvangst in het blad Zeilen staat. We zijn benieuwd. Iemand een scanner?

3 – 6 juni We gaan op berenjacht op de ICW Beaufort - Norfolk

Mosselen verzamelen bij laagwater..jpgWe leggen in 3 dagen heel wat mijlen af over het laatste stuk ICW. Als we de mensen die we onderweg tegenkomen vertellen dat we ongeveer 7ft diep steken en 63ft hoog zijn wordt er moeilijk gekeken. Nou, nou  dat wordt dan lastig. Op een paar uitzonderingen na (Hellsgate en Fields cut) hebben we immer 3-4m water en genoeg hoogte voor de mast (en antennes). Uiteraard houden we rekening met het getij.

Het is mooi hoe uiteenlopend de ankerplekken zijn. We liggen in kreken en open water, elke keer weer in een totaal andere omgeving. Sommige stukken zijn zeer smal, andere weer zo groot als het IJsselmeer. Op de eerste ankerplek eten we de mosselen die we in Beaufort achter het strand hebben verzameld,  2 pannen tot de nok toe gevuld. Het is heerlijk. Niet alleen het menu is anders per streek, zo ook de dieren die we onderweg kunnen tegen komen. Ik moet 2 keer lezen als er in de pilot staat dat we ook zwemmende zwarte beren kunnen tegenkomen. We gaan dus maar op berenjacht. Af en toe zitten we op de uitkijk en het ‘enige’ dat we zien is een klein hertje, heel veel ospreys die de markers als nest gebruiken. In een ooghoek zie ik te laat een bewegend donker beest in het riet, zou dat misschien toch…..

’s Avonds vertelt Goos over de eerste tocht naar Groenland van Tristan Jones. In zijn geval komt een ijsbeer wel zo dicht bij de boot van Jones, dat hij de beer met een harpoen probeert weg te krijgen. De eenogige, driepotige zwarte labrador Nelson (‘gekidnapt’ in plaats van gehandicapt volgens Meike) duikt eerst onder tafel, maar wordt door Jones aan dek gecommandeerd. Daar doet hij dapper mee om de ijsbeer af te leiden, zodat Jones een wapen kan pakken. Met de harpoen door zijn poot komt de beer aan de boot vast te zitten en de beer is zo boos dat hij een deel van de reling en potdeksel losrukt.  Jones verjaagt hem tenslotte door een lichtkogel in z’n bek te schieten (niet erg aardig, maar wel effectief). De kinderen zitten vol aandacht naar de verhalen te luisteren . Achteraf iets te veel beren verhalen op 1 dag want ’s nachts horen ze ook beren op het dek lopen.


Aan de freedock bij Great Bridge.jpgBij de Great Bridge bridge (nee, echt geen type fout) liggen we aan een freedock. De naam zegt het al, een gratis steiger waar je kan aanmeren voor een overnachting. Het freedock ligt aan een bos, driemaal raden wat de vraag is van de kinderen…. ‘Zijn er ook beren in dit bos?’ We gaan er maar vanuit dat ze er niet zijn en ze gaan op onderzoek. Het enige dat ze vinden zijn heel veel prikkende muggen. Op loop afstand zijn restaurants en een supermarkt en we gaan er op uit. Als we van de vierkante burgers zitten te genieten bij Wendy’s barst het onweer los en het begint enorm te regenen. Met bakken komt het uit de lucht. We zoeken ons heil nog maar even in de fantastisch mooie supermarkt van Farm Fresh. We bewapenen ons in de supermarkt met de meest lelijke maar functionele gele regenponcho’s. De kinderen hebben dolle pret met de poncho’s en racen door de plassen. Ze worden door de boot naast ons ‘The Flying Dutchmen’ genoemd.

Het is gewoon genieten van de conversaties tussen het rijtje brugwachter s en de schepen die willen passeren. Dit varieert tussen de boten die luisteren, niet luisteren, niet willen luisteren, (te)vriendelijk zijn en de professionele jongens van de sleepboten. De brugwachters blijven uitermate vriendelijk al leest de Centerville brugwachter bij geheel niet luisterende boten gewoon het hele reglement voor. We hebben het maar opgenomen, leuk voor onder de video later.

naar boven